De tenten die tegenwoordig gebruikt worden voor het kamperen zijn gemaakt van katoen of van kunststoffen zoals polyester en nylon (ripstop).
Katoen is geschikter voor een tentvakantie waarbij men met de auto op de plaats van bestemming komt en daar langduriger verblijft en kunststoftenten zijn populairder voor trekvakanties waarbij de trektocht wandelend, fietsend of per kano wordt afgelegd.
Er zijn verschillende soorten doek:
Het nadeel van een katoenen is tent is dat deze meestal iets zwaarder zijn, zeker als hij eenmaal nat geworden is.
De droogtijd is van alle materialen het langst, daardoor alleen al is een katoenen tent als trekkerstent vooral in gematigde klimaatsomstandigheden minder geschikt.
Het reeds genoemde gevaar voor schimmel/weer.
Eigenlijk wordt nylon pas de laatste 30 jaar gebruikt. Het is een sterke lichte vezel die wordt gecoat om deze waterdicht te maken. Als nylon goed gecoat is, slaat het niet door en neemt het weinig vocht op. Nylon is wel gevoelig voor U.V.straling. De vezel wordt afgebroken, maar de coating werkt als een filter. Het nadeel van nylon is dat er condensvorming zal optreden aan de binnenzijde van het buitendoek. Een grondzeil of tentluier zal veel, maar nooit alle condens tegen gaan.
Door af en toe een dikkere draad in de stof mee te weven, zowel in de lengte- als in de breedterichting, ontstaat een ruitjespatroon. Dit wordt dan ripstop genoemd en is eigenlijk geen aparte eigen stof, alleen een verstevigde stof. Het doek tussen de dikkere draden in (de vakjes dus) kan daardoor weer van dunnere draden geweven worden. Ripstop is sterk, het rekt minder, maar is weer wat minder slijtvast. Daardoor is het niet geschikt voor grondzeilmateriaal.
Wat betekent die term waterkolom eigenlijk?
Als een doek een waterkolom van 4000 mm aankan, betekent dit dat het doek pas water doorlaat als er een druk op komt die vergelijkbaar is met het gewicht van een kolom water van 4 meter hoog. Dat lijkt enorm en is het ook. Bij een regenbui, zelfs bij een zware zal die druk nooit op het tentdoek gerealiseerd worden. De helft niet eens. Maar anders wordt het bij de druk dat een grondzeil te verduren kan krijgen. Denk maar eens wat er kan gebeuren als je het zeil op een rotsachtige ondergrond hebt liggen en je daar zelf ook nog eens bovenop ligt met je ultradun slaapmatje. De waarde waterkolom zal voor het grondzeil van je tent dan ook het liefst zo hoog mogelijk moet zijn.
Daarnaast is een extra bescherming van het grondzeil door middel van een extra los stuk zeil (tentluier) altijd aan te raden. Bovendien blijft je tent zelf schoner en zorgt voor extra isolatie.
Op nylon en polyester tenten worden diverse coatings toegepast, o.a.: acryl, aluminium en PU. Deze coating wordt weergegeven in mm. waterkolom.
Vanaf 1500 mm. is het materiaal echt waterdicht, maar beter is een hogere waarde, omdat de coating slijt en dus in waarde afneemt.
De topkwaliteiten zijn vanaf 2.500 tot 5.000 mm. voor het dakdoek en 5.000 tot 10.000 mm. voor het grondzeil.
PU (= Polyurethaan) is het sterkste en meest slijtvast.
Het doek van tent wordt door middel van een frame, de stokken of buizen, op hoogte gebracht. Door middel van touwen (de scheerlijnen) en met tentharingen wordt het geheel verder vastgemaakt aan de grond en op spanning gebracht, zodat een en ander mooi strak gespannen komt te staan.
De stokken/buizen zijn meestal gemaakt van staal, aluminium of fiberglas.
Staal is erg sterk en duurzaam maar ook redelijk zwaar.
Aluminium is licht in gewicht en sterk, net zoals fiberglas, maar dat is ook nog eens wat compacter.
De extra scheerlijnen die worden aangebracht om de tent bij harde wind recht te houden worden stormlijnen genoemd. De onderkant van de binnentent noemt men het grondzeil. Ook dit is tegenwoordig van kunststof en meestal van een zwaardere kwaliteit doek.
De stokken van de tent kunnen rechtop staan bijvoorbeeld in driehoekstenten. Bij andere modellen in een omgekeerde v-vorm (A-stokken) Bij weer andere type tenten worden ze gebogen tot een halve cirkel en staan ze onder spanning zoals in boog- en koepel- en tunneltenten.
De meeste tenten bestaan uit een buiten- en één of meer binnententen. De binnentent is doorgaans het slaapvertrek. De buitentent vormt de bescherming tegen wind en regen.
Er bestaan ook enkeldakstenten die lichter zijn en eenvoudiger op te zetten. Zelfs zijn er tenten die zichzelf openvouwen als een soort paraplu, die staan dus razendsnel. Wat meer behendigheid is wel weer vereist bij het opvouwen.